Calculatie maken voor je installatiebedrijf: stappenplan 2026

Calculatie · 5 juli 2026 · 8 min leestijd
JH
Jeroen op 't Hoog · Oprichter van Plannr

Een goede calculatie is meer dan uurtarief × uren + materiaal. Wie consequent winst wil maken, bouwt calculaties op een vaste structuur: arbeid tegen de échte kostprijs per uur, materiaal met opslag, onvoorzien budget per risicoprofiel, en een opslag voor bedrijfskosten en winst. Na afloop check je met een nacalculatie of de praktijk klopte.

Belangrijkste punten

  • Je échte uurtarief ligt vrijwel altijd hoger dan je denkt — niet-declarabele uren tellen mee
  • Bouw de offerte uít de calculatie, niet andersom
  • Doe een nacalculatie binnen twee weken na oplevering — daarna ben je het detail kwijt

Waarom nattevingerwerk je marge opvreet

De meeste installatiebedrijven weten op gevoel ongeveer wat een klus kost. Dat gevoel klopt vaak — totdat het niet klopt. En als het niet klopt, kost het direct geld.

Drie patronen die steeds terugkomen: een te lage uurprijs omdat de niet-declarabele uren (reizen, voorbereiden, wachten op materiaal) niet zijn meegerekend. Materiaal zonder opslag, terwijl inkooptijd, opslagkosten en breukrisico wél bestaan. En geen onvoorzien-budget, waardoor één tegenvaller de hele marge wegvreet.

Een installatiebedrijf met €1 miljoen omzet dat 3% marge laat liggen door slordige calculaties, levert €30.000 per jaar in. Dat is een monteur.

De anatomie van een goede installatiecalculatie

Elke calculatie bestaat uit vier blokken: arbeid (uren × uurtarief, gesplitst per type vakman), materiaal (directe kosten plus opslag voor inkoop, voorraad en risico), onderaanneming en derden (kraan, container, keuringen), en onvoorzien — meestal 5–10% bovenop de directe kosten, hoger bij renovatie.

Bovenop die directe kosten komt je opslag voor algemene bedrijfskosten en winst. Voor installatiebedrijven is 15–25% bovenop de directe kosten gangbaar.

Stap 1: bepaal je échte uurtarief

Dit is de stap die de meeste bedrijven overslaan. Je uurtarief is niet "wat ik aan een klant doorbereken" — dat is je verkooptarief. Je kostprijs per uur ligt anders.

Reken het zo door: bruto loon per maand × 12, plus werkgeverslasten (zo’n 30%), plus vakantiegeld, eindejaarsuitkering en pensioen, plus indirecte kosten (kleding, gereedschap, opleidingen, telefoon). Deel dat door het aantal declarabele uren per jaar — meestal 1.400 tot 1.500, niet 1.800.

Voor een gemiddelde monteur kom je dan al snel op een kostprijs van €45–60 per uur. Reken je nu €50 door aan klanten? Dan verdien je niets aan zijn directe arbeid — laat staan dat je bedrijfskosten dekt.

Stap 2: maak een materiaalstaat met opslagpercentage

Voor elke klus: een lijst met materiaal, leverancier, inkoopprijs en opslag. Het opslagpercentage dekt inkooptijd, voorraad en opslag in de werkplaats, risico op breuk of verspilling, en voorfinanciering — jij betaalt eerder dan de klant.

Gangbaar: 10–15% bij grote, voorspelbare projecten met goede leveranciersafspraken; 20–25% bij kleinere klussen of moeilijke aanvoer.

Calculeer met grip op je marge

Bouw calculaties op uit uren, materiaal en opslagen. Vergelijk voor- en nacalculatie en zie waar je verdient.

Probeer Plannr gratis →

Stap 3: tel risico- en onvoorzien-budget mee

Een nieuwbouwinstallatie heeft een ander risicoprofiel dan een renovatie in een huis uit 1920. Reken dat in: nieuwbouw 3–5% onvoorzien, renovatie 8–15%, asbest- of monumentenwerk 15% of meer.

Dit is geen winstmarge die je later mag houden — het is een buffer voor problemen die je vooraf niet kon zien. Wat overblijft is bonus.

Stap 4: bouw de offerte uít de calculatie, niet andersom

De grootste valkuil: je hebt een idee wat de klant wil betalen ("ergens rond de €8.000"), je rekent terug, en je past de calculatie aan tot je daar uitkomt. Dat is geen calculatie, dat is wensdenken.

Doe het andersom. Bouw eerst je calculatie op directe kosten + opslagen + winst. Pas dán kijk je of dat bedrag voor de klant haalbaar is. Is het niet haalbaar? Dan pas je de scope aan, niet de marge.

Plannr in actie

Calculeer met grip op je marge

Bouw calculaties op uit uren, materiaal en opslagen. Vergelijk voor- en nacalculatie en zie waar je verdient.

Probeer Plannr gratis →

Stap 5: doe een nacalculatie binnen twee weken

Een calculatie is een inschatting; pas na de klus weet je wat het écht kostte. Vergelijk de begrote uren per medewerker met de werkelijke uren, het begrote materiaal met het ingekochte, en het begrote onvoorzien met het werkelijke.

Doe dit binnen twee weken na oplevering — daarna ben je het detail kwijt en wordt het giswerk. De winst zit niet in de nacalculatie zelf, maar in wat je leert voor de vólgende calculatie.

Voorbeeld: calculatie CV-installatie eengezinswoning

Een ketelvervanging met nieuwe radiatoren in een rijtjeswoning. Twee monteurs, één dag werk. De opbouw:

  • Arbeid: 2 monteurs × 8 uur = 16 uur × €55 kostprijs = €880
  • Ketel (inkoop): €1.400
  • Radiatoren + leidingwerk: €620, klein materiaal: €180
  • Materiaalopslag: 15% over €2.200 = €330
  • Onvoorzien (renovatie): 10% = €201
  • Directe kosten: €3.611 — plus 22% opslag bedrijfskosten en winst (€794)
  • Verkoopprijs exclusief btw: €4.405

Bij €4.405 exclusief btw maak je €794 brutomarge — mits de calculatie klopt. Neem je in plaats hiervan een "rond bedrag" van €3.800, dan zit je onder kostprijs voordat je begint.

Excel is prima voor je eerste tien calculaties. Wil je consequent winst draaien op tientallen projecten per jaar, dan kost handmatig kopiëren en vergelijken je meer dan een tool kost.

Veelgestelde vragen

Wat is een goed opslagpercentage op materiaal?
Tussen 10% en 25%, afhankelijk van inkoopvolume, risico en voorfinanciering. Bij grote partners met snelle aanvoer kun je naar 10%, bij kleinere klussen meer richting 20–25%.
Hoe bereken ik mijn declarabele uren per jaar?
52 weken × 40 uur = 2.080 uur. Min vakantie (200 uur), feestdagen (60), ziekte (40), overleg en training (100) en niet-doorberekende reistijd (200) kom je op ongeveer 1.480 declarabele uren per monteur.
Moet ik onvoorzien apart op de offerte zetten?
Nee, geen aparte regel. Reken het in je verkoopprijs in. Als de klant het ziet als buffer, kort hij erop.
Wat als mijn nacalculatie steeds afwijkt?
Goed dat je het meet — anders wist je het niet. Kijk waar de afwijking zit (uren, materiaal, onvoorzien) en pas je standaardcalculaties aan. Twee tot drie nacalculaties geven al genoeg signaal.
Hoe verhoudt calculatie zich tot planning?
Een calculatie zegt: dit kost het. Een planning zegt: dit is wanneer en wie. Zonder koppeling weet je tijdens de uitvoering niet of je nog in budget zit.

Calculeer met grip op je marge

Bouw calculaties op uit uren, materiaal en opslagen. Vergelijk voor- en nacalculatie en zie waar je verdient.

Probeer Plannr gratis →